KenniscentrumReconstructieve behandelingenBorstreconstructieSecundaire reconstructie › Latissimus dorsi-lap › Latissimus dorsi-lap

Latissimus dorsi-lap

Borstreconstructie door middel van rugspier

Een geamputeerde borst of een borst met een defect (gat) kan worden hersteld met spierweefsel en huid van de rug van de patiënt. De brede rugspier, de musculus latissimus dorsi, wordt gevoed door een bloedvat in de oksel. Het is een grote platte spier die samen met de bedekkende huid van de rug kan worden losgesneden en door de oksel naar de borstkas kan worden gebracht om daar een nieuwe borst te vormen. De spier met zijn bedekkende huid blijft zo bloed ontvangen uit het bloedvat in de oksel waarmee hij nog steeds is verbonden.

In veel gevallen is het volume van de rugspier niet voldoende voor het herstellen van een borst en moet er een siliconeprothese bij worden geplaatst. Het verlies van functie door het wegsnijden van de rugspier kan meestal door aangrenzende spieren goed worden opgevangen.

Litteken na
borstamputatie
Huid- en spierweefsel
van de rug voor de
reconstructie
Het weefsel van de rug
wordt verplaatst.
De prothese komst onder
het verplaatste weefsel.
Afbeeldingen KWF kankerbestrijding

Deze methode is echter niet aan te bevelen bij patiënten die rolstoelafhankelijk zijn en bij sportief zeer actieve patiënten. De operatie duurt 3 tot 4 uur en maakt een groot wondgebied op de rug.
Een mogelijk risico is het ontstaan van een probleem met de doorbloeding vanuit het bloedvat in de oksel, waardoor de spier met huid (gedeeltelijk) kan afsterven. Gelukkig komt dit maar weinig voor. Over het algemeen geldt de methode als zeer veilig.

Toepassing

Spierweefsel is goed doorbloed en zorgt voor vitaliteit en een goede genezing in het wondgebied. Deze methode wordt bij uitstek toegepast als er problemen op de borstkas zijn na bestraling, zoals pijnlijke intrekking van de huid of ‘stralenulcus’ (een beschadiging door bestraling).
De herstelmethode wordt dan ook door veel plastisch chirurgen achter de hand gehouden voor het geval er problemen op de borstkas ontstaan, bijvoorbeeld als de tumor toch terugkeert.

 na een borstbesparende operatie
met nabestraling
 na borstreconstructie met spierweefsel en
huid uit de rug
 na tepelreconstructie het litteken dat achterblijft op de rug




Deel deze pagina: