KenniscentrumReconstructieve behandelingen › Decubitus › Behandeling bij decubitus

Behandeling bij decubitus

Doorligwond

Decubitus is ernstige beschadiging van de huid als gevolg van langdurige druk op de huid en verminderde bloedvoorziening in dit gebied van de huid.

Hoe onstaat decubitus?

Decubitus treedt op bij mensen die langdurig bedlegerig zijn of langdurig in dezelfde houding in een rolstoel zitten. Normaal gesproken gaat iemand regelmatig verliggen en beweegt het lichaam om schade door druk op één plek tegen te gaan.
Bedlegerige patiënten zijn vaak te ziek om zichzelf om te draaien of anders te gaan liggen. Bovendien eten deze mensen vaak minder goed en is de algehele conditie slechter, wat de huid extra kwetsbaar maakt voor schade. Er kan dan een wond ontstaan die in veel gevallen niet meer vanzelf geneest. De chronische wond veroorzaakt pijn en onttrekt energie en voedingsstoffen aan het lichaam. Een verzwakte patiënt kan hierdoor nog zieker worden.
In veel gevallen is een operatie door de plastische chirurgie noodzakelijk om de beschadigde huid te herstellen.
drukplekken bij liggende houding
drukplekken bij zittende houding © transmurale zorg

Stadia decubitus

Decubitus kan worden ingedeeld in vijf stadia:
  • Stadium 1: een niet wegdrukbare rode plek op de huid
  • Stadium 2: blaren en oppervlakkige zweer van de huid
  • Stadium 3: wond met dode huid en afgestorven vetweefsel tot op de spieren
  • Stadium 4: alle weefsels (meestal huid, vetweefsel en spieren) zijn tot op het bot afgestorven
  • Stadium 5: schade aan bot met infectie (osteomyelitis)


Tegen gaan van decubitus

Het tegen gaan van decubitus is een belangrijke taak in de verpleging van een bedlegerige patiënt of rolstoelpatiënt. Hiervoor bestaan verschillende technieken. Het regelmatig verleggen en mobiliseren van een patiënt is daarbij essentieel. Ook worden speciale matrassen en zitkussens gebruikt om hoge druk op te huid te vermijden. Patiënten in een rolstoel met een zenuwverlamming moeten bijzonder alert zijn voor decubitus. Omdat er geen gevoel is op het zitvlak ontstaat er snel drukschade zonder het alarmsignaal van pijn.
Plaatsen waar decubitus bij voorkeur optreedt zijn de stuit, de zitbenen van het bekken, de heupen, de hielen van de voeten, de enkels, de ellebogen en het achterhoofd. Op deze plekken ontstaat er druk op de huid door onderliggend bot.

Behandeling

Decubitus kan in een vroeg stadium nog zonder operatie worden behandeld. Het is daarom belangrijk de patiënt bij de eerste tekenen van drukschade op de huid consequent en regelmatig te verleggen. De roodheid (stadium 1) verdwijnt in de regel na enkele dagen vanzelf.
In situaties met oppervlakkig dode huid en afgestorven onderhuids vetweefsel (stadium 2 en 3) kan met speciaal wondverband of vacuümtechniek worden geprobeerd te wond te laten genezen. Dit duurt vaak weken tot maanden.
Als de wond nog dieper reikt en eenmaal de spierfascie (bindweefsel rond spieren) is aangedaan (stadium 4 en 5) zal de wond niet meer vanzelf genezen. In deze situaties is een operatie noodzakelijk.
In alle stadia geldt dat het belangrijk is de patiënt in een zo goed mogelijke lichamelijke conditie te brengen zodat het lichaam genoeg energie heeft om een wond te laten genezen. Daarbij werken artsen, verpleegkundigen, fysiotherapeuten, diëtisten en mantelzorgers nauw samen. Ook een goede pijnstilling is van belang.
In enkele gevallen kunnen er ernstige complicaties optreden zoals infectie van bot (osteomyelitis) of infectie van de wond met bloedvergiftiging (sepsis). In deze situaties is een snelle behandeling met antibiotica en/of een operatie noodzakelijk.

Operatie

Tijdens een operatie onder narcose wordt de decubituswond uitgesneden en het wondgebied bedekt met goed doorbloed, vitaal weefsel (meestal huid en/of spier) uit de nabije omgeving van de wond. In sommige gevallen kan verdoving met een ruggeprik worden toegepast. De huidsneden worden in de operatie zo geplaatst dat de latere littekens bij voorkeur buiten het gebied van druk komen te liggen. Meestal zijn dit grotere operaties en wordt de ingreep door de patiënt als belastend ervaren.
Tijdens de operatie worden er dunne slangetjes (drains) in het wondgebied achtergelaten om het wondvocht af te voeren. Deze worden meestal na 1 tot 2 weken verwijderd.

Na de operatie

In de meeste gevallen is het noodzakelijk dat de patiënt na de operatie voor 1 tot 2 weken in een zogenaamd ‘zandbed’ verblijft. Dit is een speciaal bed om de druk op het lichaam beter te verdelen. Het zandbed wordt verwarmd en maakt lawaai. Sommige patiënten vinden dit vervelend.
De uiteindelijke genezing van de wond duurt vaak meerdere weken. Als de wonden eenmaal zijn genezen is het van belang nieuwe decubitus zo goed mogelijk te vermijden. Soms is de vorm van het lichaam door de operatie een beetje veranderd en moet er een aanpassing van een op maat gemaakt matras of zitkussen plaatsvinden.

Risico’s

Omdat het meestal om grotere operaties gaat en de patiënten vaak in een verzwakte lichamelijke conditie verkeren zijn er algemene risico’s bij narcose van toepassing, maar ook risico op een trombosebeen en longembolie. Gelukkig komt dit maar weinig voor.
Net als bij andere operaties is er risico op nabloeding en wondvocht. Dit is meestal goed te behandelen, maar de genezing kan er langer door duren. Het risico op infectie is doorgaans gering omdat er altijd een antibioticum wordt gegeven.
Soms sterft een deel van de wond af en gaat de wond weer gedeeltelijk open. Meestal ontstaat er dan een kleine wond die door behandeling, zonder operatie, kan genezen. Bij grotere wonden is een nieuwe operatie nodig. Over het algemeen lukt het goed om een decubituswond met een operatie te herstellen. In veel gevallen duurt de genezing echter meerdere weken.



Deel deze pagina: